Wout Kuiper praat met liefde over zijn favoriete club. De onlangs 82 jaar geworden Doetinchemmer voelt zich thuis bij De Graafschap. Hij is al dertig jaar vrijwilliger, de langste tijd daarvan regelt Wout het verkeer bij parkeervak P5. “Ik vind het een erebaantje, heel leuk om te doen. En vlak voordat het begint, ga ik snel richting de tribune om de wedstrijd te bekijken.”

Afgelopen winter kampte Wout Kuiper met gezondheidsklachten. Een hardnekkige longontsteking speelde hem flink parten. Hij belandde er zelfs mee in het ziekenhuis. “Dat was een vervelende periode. Gelukkig ben ik weer helemaal opgeknapt, want ik wil liever geen duels van De Graafschap missen.”

Mooie tijden
Kuiper is al ruim 65 jaar supporter van de Zebra’s. Hij kan zich de start in het betaalde voetbal nog herinneren, dat was in 1954. “Als tiener ging ik toen al naar de wedstrijden. Daarvoor speelden ze bij VV Oosseld. Het veld was daar altijd met doeken afgezet, anders konden mensen vanaf de straat de verrichtingen gratis bekijken.” In 1954 was er de oefenwedstrijd tegen Fortuna ’54 uit Sittard. Het duel eindigde op een volle De Vijverberg in 1-1. Een knap resultaat van De Graafschap, want de gerenommeerde tegenstander trad aan met de internationals Frans de Munck, Cor van der Hart en Jan Notermans. Later dat jaar won De Graafschap zelfs de competitiewedstrijd met 3-0 van Fortuna ’54 dat in Doetinchem haar enige nederlaag leed. “Het waren mooie tijden, het ging er heel gemoedelijk aan toe. En eigenlijk is De Graafschap nog steeds een heel gemoedelijke club met fijne mensen en supporters”, zegt de vrijwilliger in hart en nieren. Hij zet zich al dertig jaar belangeloos in voor de club. “Eerst controleerde ik de kaartjes en begeleidde ik de bezoekers naar hun plaats op de tribune. Dat vond ik een beetje dom werk. Als verkeersregelaar ben ik beter op mijn plek. Op P5 staan spelers, sponsors en genodigden. Soms maak ik een praatje met ze, heel leuk dat contact. Ik hoop het nog lang vol te houden, maar gezien mijn leeftijd bekijk ik het van jaar tot jaar.”

 Wat is in jou ogen een Superboer?
“Een Superboer steunt de club door dik en dun, dus ook als het wat minder gaat. Het is iemand met een blauw wit hart, die De Graafschap altijd volgt. Ik denk dat ik gezien mijn leeftijd wel een echte Superboer mag worden genoemd.”

 Wat is je eerste herinnering aan De Graafschap?
“De wedstrijd tegen Fortuna ’54 in 1954. Het was het eerste jaar van het betaald voetbal. We wonnen heel verrassend met 3-0. Fortuna had destijds een topelftal met spelers die voor Oranje uitkwamen. Ze werden dat jaar ook kampioen van de NBVB competitie.”

 Wat is je beste herinnering aan De Graafschap?
“Uiteraard de kampioenschappen en promoties. Aan het jaar onder Simon Kistemaker heb ik warme herinneringen, begin jaren negentig was dat. Ze werden kampioen met een goed elftal en promoveerde naar de eredivisie. Helaas vlogen ze het seizoen erop er gelijk weer uit. Met wat versterkingen was dat niet nodig geweest.”

 Hoe zie je je eigen toekomst bij de club?
“Ik ben een man van de dag en kijk niet verder dan een jaar vooruit. Het zou heel mooi zijn als ik het nog een paar jaar kan volhouden, want ik kijk iedere keer uit naar de thuiswedstrijd.”

Wat moet de club doen om een stabiele eredivisieclub te worden?
“De selectie is op peil om kampioen te worden, dat moet kunnen. Maar willen ze in de eredivisie blijven, dan moet er in iedere linie wel een topspeler bij.”

 Welke oud-spelers zouden prima in het huidige elftal passen?
“Joop en Chris Hartjes. Chris was de jongst debuterende speler ooit bij De Graafschap, ik spreek hem wel eens.”

 Wie is de beste ambassadeur van De Graafschap?
“Dan zou ik Hans Kraaij junior nemen. Een echt bikkel in zijn tijd, iemand die bij de club past, niet om een geintje verlegen zit en De Graafschap nog altijd een warm hart toedraagt.”

 Waar kunnen we je tegenkomen?
“Ik ben dol op de natuur! Daarom wandel of fiets ik graag in De Wrange, het Doetinchemse natuurgebied. Maar ik ben ook erg gecharmeerd van het Schwarzwald in Zuid-Duitsland.”